Dit is de website van Wim van der Meer

Op deze website laat ik je zien wat mij bezighoudt in het dagelijks leven

Het is slehts een kleine inkijk. maar toch ...

 

Een van de weinige mooie dagen in 2013 tot nog toe.

Veenpluis in Hatertse VennenEindelijk weer naar buiten. Ooit heb ik in de Hatertse Vennen een mooi plantje gezien: de vleesetende zonnedauw. Geen paniek als je je vinger er op legt neemt hij geen hap. (ik spreek van hij maar is een vleeseter geen zij?). Het is bedoeld als een vliegenvanger. De vlieg wordt op een blad gelokt en blijft plakken daar wordt de vlieg langzaam verteerd (dus een zij?) en dient om de plant te voeden. Je vindt ze op moerassige gronden, bijvoorbeeld in vennengebieden waar de waterstand al dan niet kunstmatig hoog gehouden wordt. De Hatertse en Overasseltse vennen is zo'n gebied.

Het veenpluis verraadt natte voeten. De Hatertse en Overasseltse vennen is een restant uit het stroomgebeid van Maas en Waal. Liggend als een bult in het lager gelegen agrarisch gebied. Een paar jaar geleden had ik het al gezien, toen stonden er nog veel bomen, Nu men de ruimte weer digitalis - vingerhoedskruidterug wil geven aan heide en vennen zijn veel bomen gekapt en het bewuste ven ligt in een open landschap. Naar de bewuste plek dan maar. De tevens dodelijke digitalis kwam ik veelvuldig tegen onderweg (het kon een voorteken van onheil zijn, veenpluis envingerhoedskruid), overigens ook in menig tuin te bewonderen of te haten.

zonnedauwVoordat ik bij de zonnendauw kwam was er dan ook iets naars gebeurd, een incident (accident) met hond en eigenaar(s). De lol van fietsen en zonnedauw was eraf, maar ik heb toch een foto gemaakt ondanks de verbale agressie die ik over me heen kreeg even daarvoor waar ik verder niet op in ga. Ik laat het langzaam verteren als een vliegje in de zonnedauw. Mij geeft het geen voeding maar een nare nasmaak van een mooie ontmoeting met een bijzondere plant.

Bijna elk jaar tijdens de vakantie hebben we wel een onweer. De ene keer slaat de bliksem inde auto, de andere keer danst de bliksem over de elektriciteitsdraden boven de camping en vaak horen we dan: toch wel bijzonder hier, dat komt nooit voor.

montblanc1Onlangs stonden we voor de Mont-Blanctunnel aan de Italiaanse kant, we waren op weg naar de Jura. Het schoot lekker op tot vlak voor de tunnel. De weg splitste zich voor personenauto’s en vrachtwagens en braaf sloten we bij de personenauto’s aan. De vrachtwagens waren ver in de minderheid dus die strook was een stuk leger. De weg naar de tolpoorten was steil en bood een mooi uitzicht op de MB met een idyllisch stroompje en bruggetje. Dan worden we rechts gepasseerd door een lange stoet personenauto’s die we meteen voor stelletje aso’s uitmaakten. Zeker toen ze tussen de personenautorij wilden voegen. Een grote Zwitserse SUV wilde voor ons, maar ik liet hem er niet tussen en maakte dat met (overigens fatsoenlijke) gebaren duidelijk. Schouders ophalend wachtte hij tot een plekje achter mij vrij kwam. Het bleek echter dat zij waren geïnstrueerd door de tunneltoegangbewaarders (wist ik veel).

montblanc2Toen de rechter (vracht) strook weer een lange voorsprong leek te bieden verlieten enkele auto’s de voorgeschreven rij en kropen zo naar voren. Ja dat kan ik ook dus dat deed ik ook. Grote vrachtwagen achter mij en enkele personenauto’s voor mij. Toen sloeg de auto af (hellingproef mislukt), maar ik kreeg hem niet meer aan. De Zwitser passeerde me en wierp me een blik toe van: dat heb je er van. De vrachtwagen achter mij moest mij voorbij en dat bleef niet onopgemerkt door de tunneltoegangbewaarders. Gelukkig startte hij na een tijd(je) en moest ik net voor de ‘tol-line up’ aan de kant. Ik denk dat hij vroeg of de motor te warm was, nee zeg ik hij is verzopen. Maar ja hij sprak geen vreemde talen en ik geen Italiaans. Een collega die erbij kwam en een beetje Engels sprak gaf aan dat ik de tunnel niet in mocht zonder technische controle.

montblanc3Gelukkig de ANWB, die schakelde de ACI in, maar die wisten niet waar de ingang van de Mont Blanc tunnel was! Ik hoopte dat een ACI-er kwam de klep open zou doen en constateren dat er niets aan de hand was dus doorrijden. Handig even een plaspauze, wat snacken en wachten. Inmiddels begon het te regenen (de eerste regen van onze vakantie) en te onweren, alsof Gods stem ons vermaande dat we maar aardig voor die Zwitser hadden moeten zijn. Na vier uur kwam een bergingswagen de auto opladen en bracht ons 35 km terug naar Aosta (ga drie plaatsen terug). De volgende dag kon de garagist niets vinden en zette er maar een nieuwe accu in (hij moest toch iets verdienen). Machteloos moest ik het toelaten en mijn creditcard weer pijnigen.
En weer kon ik naar de MB, achteraan sluiten, alleen was de rij gelukkig veel korter, en ik maar hopen dat de motor niet af zou slaan.montblanc4